Met gesloten ogen verkent hij haar, laat hij zijn handen zacht over haar rug glijden, strelen zijn vingers van haar nek naar het zachte plekje vlak boven haar billen. Zijn neus aait zacht langs de schelp van haar oor, door naar het plekje waar haar nek eindigt, net in haar vochtige haar. Ze ruikt zo heerlijk. Zachtjes glipt zijn tong over haar sleutelbeen. Hij proeft haar, bedwelmend. (meer…)
11
2011
Doorreis
“Het verre geknars van treinwielen doorbrak de stilte op het perron. Tussen twee koffers stond een jonge vrouw, ineengedoken. De kou vormde rode plekken op haar wangen. Af en toe keek ze ongeduldig om zich heen, angstig bijna. Langzaam kwam de binnenkomende trein tot stilstand, deuren gingen open en enkele haastige voeten lieten lichte afdrukken na in de dunne witte laag op de perrontegels. De vrouw tilde haar koffers op en stapte in.” (meer…)
06
2011
Onvergankelijk
Al een tijdje kijk ik nu bij hen naar binnen. Ik kan me niet echt herinneren hoe lang,maar lang genoeg.
Lang genoeg om te weten dat de warmte die door de ramen naar buiten lijkt te stralen ontstaat door Haar. Lang genoeg om te weten dat Zij op handen gedragen wordt door Haar zoon en dochtertje. (meer…)



