Nee, nee, nee toch, dit kan niet waar zijn, dit is onmogelijk…
Terwijl ik naar zijn blote voeten staar druppen tranen over mijn wangen. Ik kijk in zijn ogen, hij staart terug, maar zijn blik is kil, nietszeggend. Waarom stopt het nou zo? Het begon zo heerlijk.
In de nachtclub keek hij rond zoekend, alert, al wat ouder maar toch nog gruwelijk sexy. Mijn hart maakte een sprongetje toen hij me op leek te merken en op me af kwam. Ach wat, laat ik eerlijk zijn. Dit was geen liefde, geen verliefdheid, geen puberaal romantisch geneuzel. Ik wilde sex en wel met hem. Onbetamelijke, ongeremde, woeste sex.
Ik kende zijn reputatie en was daardoor nog meer bereid me als halfnaakt snoepje met een mooi rood kanten lintje erom op een presenteerblaadje aan te bieden.
Ik hoefde geen moeite te doen. Zodra zijn blik over mijn zwarte smoking, zonder de witte blouse, maar met rode stropdas en stiletto’s gleed en hij mijn wild krullend blonde haren, mijn lange zwaarzwarte wimpers en natglanzende lippen zag, wist ik dat ik hem zou krijgen. Dressed to kill was de kledingcode van die avond, ik was daarin geslaagd.
Hij kwam dichterbij, en liet zijn vingers over mijn rode stropdas glijden die ik ter onderscheid van al die ander catwomen en witte stoeipoezen had omgedaan. Hij streelde over de rode zijde terwijl hij iets naar me toe boog en vlak bij mijn oor, met het nummer meezong
“I need you tonight, cause I’m not sleeping”
Ik kon een kreuntje niet onderdrukken, likte over zijn onderlip, greep zijn krullen en drukte me tegen hem aan. Zonder erover na te denken, liet ik me door hem meenemen.
Voor één nacht, dat wist ik, meer wilde ik ook niet.
Maar nu? Zijn ogen laten me niet los, ik huiver. Mijn huid gaat van heet blozend over in kil kippenvel. Alles had ik verwacht, alles had ik gedaan, ik wist waartoe hij in staat was en opgewonden rillend had ik het spel met hem meegespeeld.
De rode stropdas om zijn hals, zijn kreunen, het opgewonden snakken naar ademen, het nog een stukje verder gaan, het bleek wegtrekken van zijn kleur, de wijd opengesperde ogen, gevolgd door die doodse blik.
Ik neem de rode stropdas terug en wil het weer ombinden. Linksom en dan onderlangs, nee, trillende vingers beletten me het goed te doen, ik laat het zo hangen.
Ik kus hem huilend op zijn blote buik, mijn vinger glijdt langs zijn jeans, de riem mist, een knoop staat open, het oogt bizar dus ik friemel het dicht. Michael gaat zachtjes heen en weer, de stoel valt onder hem weg. Ik hoor zijn nek knappen
De hotel-kalender op het nachtkastje geeft een dag te laat, als in een automatisme scheur ik het papier eraf en laat de juiste cijfercombinatie zien 22-11- 97.




